“Als je van 80–100% naar 35–80% arbeidsongeschikt gaat, krijg je dan meteen minder uitkering of is er een overgangsperiode?”
| “Beste Nicoline, ik volg je al een hele tijd. Bedankt voor al je nuttige informatie. M.b.t. de artikel die je vandaag (10 september 2025) hebt aangepast, foutje kan inderdaad iedereen gebeuren, geen enkel probleem en sterk van je dat je dit zo aanpakt. Ik heb wel een vraag. Wat als je nu 80%-100% WGA LAU krijgt (wel een restverdiencapaciteit hebt maar niet werkt en UWV maakt hier geen issue van) en vervolgens een herkeuring krijgt en dan ergens tussen 35-80 % valt. Is er dan ook een overgangsperiode?” |
Antwoord van Nicoline
Je vraagt eigenlijk: wat gebeurt er als iemand eerst volledig arbeidsongeschikt is (80–100% WGA) en na een herbeoordeling in de klasse 35–80% terechtkomt? Is er dan ook een overgangsperiode of verandert de uitkering direct?
Wat gebeurt er bij een herbeoordeling?
Bij een herbeoordeling bekijkt het UWV opnieuw de medische en arbeidsdeskundige situatie. De verzekeringsarts beoordeelt of de beperkingen zijn veranderd en stelt eventueel een nieuwe functionele mogelijkhedenlijst (FML) op. Vervolgens onderzoekt de arbeidsdeskundige welke functies daarbij passen en wat iemand in theorie nog zou kunnen verdienen. Dat bedrag is de restverdiencapaciteit (RVC). Op basis daarvan wordt berekend hoeveel loonverlies er is en komt er een nieuw arbeidsongeschiktheidspercentage uit.
Tegenstrijdige bevestiging
Wanneer iemand van 80–100% naar 35–80% gaat, staat het nieuwe arbeidsongeschiktheidspercentage in de beslissing van UWV duidelijk benoemd. Tegelijkertijd staat er in dezelfde brief dat de uitkering niet wijzigt. Dat is verwarrend want aan de ene kant wordt gezegd: je hebt recht op een WIA-uitkering met een lager arbeidsongeschiktheidspercentage en aan de andere kant: er verandert niets. Toch klopt het wel, al begrijp ik dat dit voor veel mensen niet meteen logisch voelt.
De gewenningsperiode
Op het moment dat iemand niet meer volledig (80-100%) maar gedeeltelijk (tussen 35% en 80%) arbeidsongeschikt wordt verklaard, gaat automatisch een gewenningsperiode van 24 maanden lopen. Tijdens die periode blijft het bedrag van de uitkering hetzelfde: 70% van het WIA-maandloon, tot het maximum dat geldt. Per 1-7-2025 is het maximum € 6.477,60. Die 24 maanden geeft tijd om te wennen aan de nieuwe situatie en om aan de slag te gaan met re-integratie en het zoeken naar passend werk. Klop hiervoor ook vooral aan bij het UWV of bij je (ex)-werkgever als deze eigenrisicodrager is. Zij kunnen je op een goede manier ondersteunen en begeleiden naar passend werk.
En na die 24 maanden?
Na afloop van de gewenningsperiode kijkt UWV naar de praktijk: is er werk gevonden en hoeveel wordt daarmee verdiend? Daarbij is de restverdiencapaciteit leidend. Wordt minstens 50% van de restverdiencapaciteit benut, dan blijft de loonaanvullingsuitkering doorlopen.
Wordt die grens niet gehaald, dan stopt de loonaanvullingsuitkering en volgt de WGA-vervolguitkering. Die is gebaseerd op een percentage van het wettelijk minimumloon en valt daardoor vaak aanzienlijk lager uit dan voorheen. Vind je later alsnog passend werk waarmee je minimaal 50% van de restverdiencapaciteit verdient, dan kan een vervolguitkering weer worden omgezet in een loonaanvullingsuitkering.



